Van der Floeg

Reisverslag West Papua, Irian Jaya groep 2008

Deelnemers: Otto Vaessen, Theo van Graven, Dick Schijff, Frits Nienhuis, Ellen Raadschelders, John van der Ploeg.

Zondag 21 september  SQ0323 Amsterdam naar Singapore

’s ochtends vroeg op, de schipholtaxi komt me ophalen. Ik ben net vier weken terug uit Noord-West Groenland en ga alweer op pad. Naar West Papua, Irian Jaya. Een leuke kleine groep en ik verheug me erop om weer met Ellen op pad te gaan.

De afgelopen weken weer eens lekker aan het voorbereiden geweest. Een reis in een vreemd lastig terrein en een boel dingen weer zelf organiseren. Geen andere officiële reisbegeleider, leuk zelf uitvinden.

Op Schiphol wacht ik op Ellen, We gaan nog wat bagage inpakken. Otto en Theo komen ook en we gaan door de molen., Bij de check-in horen we dat Dick en Frits al zelf oor zijn dus we zijn compleet.

Dan een lange reis. Zo’n 14 uur ofzo. Eerst naar Singapore. Ik zit met Otto, Frits en Dick achterin. Meteen valt op hoe Otto druk bezig is zijn dikke dagboek heel nauwkeurig bij te houden. En ook hoe enorm goed hij alles tot het kleinste detail heeft voorbereid en uitgezocht. Dat wordt nog lachen.

Maandag 22 september  SQ0944 Singapore naar Denpasar (Bali)

Op Singapore moeten we een uur of zes hangen. Dick en Frits zijn we meteen kwijt. Theo gaat met de bus de stad in. Otto, Ellen en ik blijven op de luchthaven.

Met Ellen ga ik proberen de route beter op de kaart terug te vinden aan de hand van de beschrijvingen van Paul en Jan Midde uit 2005 en 2006. Het is lastig om alle dingen terug te vinden op de route. Achja het komt vast wel goed. Ook gaan we wat rekenen aan hoeveel lokaal geld de mensen zouden moeten wisselen om de fooien en lokale uitgave redelijk te betalen.  We rekenen op ongeveer een miljoen Roepies per persoon voor de ‘basic’ dingen en daar komen dan nog bier, souvenirs en kosten om foto’s te maken bij.

Van Singapore naar Denpasar is nog een uurtje of vijf. We worden daar opgewacht door Mr. Joe, of Joseph zoals hij zichzelf voorstelde. Van hem krijgen we tickets voor de domestic flights.

We duwen de check-in bagage in de opslagruimte (24 uur per dag open) en gaan op het strand aan een tafeltje van de lassi, een lekkere maaltijd en de zonsondergang genieten.

Rond middennacht lopen we via het strand terug richting de luchthaven maar we komen verstrikt in een of ander resort/hotel Ramada Bali. Wat een luxe, wat een complex. Het is een gedoe om de uitgang te vinden.

Dinsdag 23 september  GA.652 Denpasar (Bali) naar Jayapura (Papua)

Op het vliegveld halen we de bagage op, settelen ons op een terrasje en wachten verder tot het half twee is en we kunnen inchecken voor de domestic flight naar Jajapura.

Let op dat je zelf luchthavenbelasting contant moet betalen (Rp 150.000)

Ik probeer tijdens de vlucht wat te slapen. Onderweg hebben we nog een tussentop met een merkwaardige transitprocedure. Het is wat vaag maar alles komt goed.

Nog een stukje verder vliegen en daar is Jayapura.  Ibastanta Gintin (onze contact van Jefalgi tours) en de gids Thony wachten ons op. De bagage even afwachten en dan wandelen we met Thony naar het hotel. Eindelijk even wat wassen, uitrusten en bijkomen van twee dagen reizen. Gintin en Thony zijn toffe gasten. Goede eerste indruk.

De eerste muggen zijn gezien en ik ga toch maar aan de Malerone.

In de hotelkamer val ik vrijwel direct in slaap. Om twee uur verzamelen we weer. Met een taxi gaan we even richting een zwembad. Heerlijk in een soort resort/sport achtig complex in een halfleeg zwembad rond dobberen. Het lijkt ook een soort sportpark voor kinderen en er zijn allerlei sport- en danslesjes aan de gang.

’s Avonds proberen we te eten in het restaurant van ons hotel. “Is the restaurant open?”. “Yes it is….”. “Can we eat?”  “No, the cook is not in”….  Altijd leuk om te ontdekken dat “open” in deze context betekent dat het in het algemeen open is, maar niet specifiek vandaag open. Nouja. We steken schuin de straat over en eten bij Mickey’s. Ik heb iets met vis.

We hebben nog overleg met Thony. Hij geeft aan dat de route wat anders zal zijn dan met Paul. Met name het stuk van Angguruk via Sali gaan we iets zuidelijker doen om dat op de andere plekken te weinig water is en geen stookhout en lang hout om porter-homes van te bouwen onderweg. We komen dan ook iets zuidelijker de Baliem vallei weer in.

Thony geeft aan dat er zo’n 20 porters mee zullen gaan.

Bij het afrekenen ziet Ellen dat er nog zuurzak op de kaart staat en koopt ze nog 4 zakjes. Lekker vers is het hier. Heerlijk. Op de stoep van het hotel oefenen we nog wat met de satelliettelefoon.

Ik slaap als een roos, met een korte verstoring wegens een fout ingestelde wekker (Sorry Ellen!).  ’s Ochtends vanaf een uur of vijf plenst het van de regen.

Woensdag 24 september  TGN277 Jayapura naar Wamena (Baliem)

Om zes uur wordt de bagage opgehaald door Thony en Ginting. Even ontbijten en dan zelf naar het vliegveld. Het is een half uurtje naar Wamena. Onze Thony vliegt niet met ons maar heeft de volgende vlucht. We worden in Wamena opgewacht door Ivan en hij brengt ons naar een eenvoudig maar mooi hotelletje. We hebben zelfs een bad (maar sommige mensen hebben alleen een buiten-douche, dat dan weer wel).

We besteden de dag verder met het rondneuzen in Wamena, met hangen en slapen en eten.

Tegen het eind van de middag belanden we nog in een soort campagne toestand rond de districtsverkiezingen. Het rondrijden met zingende mensen volgepropte gele vrachtwagens en het maken van luide muziek en veel dans lijkt een beetje de methode om stemmen te winnen. Vaak in traditioneel kostuum. Verder ontdekken we hier de manieren rond foto’s en geld, krijgen een idee van de handel en wandel.

’s Avonds eten we bij Macs, een hip tentje een stukje verderop van het hotel.

Morgen vertrekken we om 8 uur en dan zijn we eindelijk echt op pad.

Donderdag 25 september  Begin trek, naar Hitutgi

De wekker gaat om zes uur maar ik ben al eerder wakker en geniet nog even van de laatste echte douche en red daarna nog even door de supermarkt voor wat flessen drinkwater en voor de porters een boel sigaretten want dat is wel handig.  Met Ellen ontbijt ik in het restaurant van het hotel. Langzaamaan komen ook de andere wolven uit de holen. Behalve bij Dick en Frits, die moeten we wekken: ze hebben geen horloge of wekker.

De laatste spullen inpakken. Laarzen wel nu aan, laarzen niet nu aan. Dat soort beslissingen. En dan om negen uur vertrekken we. Samen met Thony in een klein maar sterk Honda busje. We rijden de vallei door tot een grote landslide ons verder doorrijden verhindert. D’r is hier een soort oranje wortel markt aan de gang.

Als de porters en koks enz. er ook zijn gaan we op pad. Eerst even langs de landslide voorbij klunen, dan zit tenminste alles en iedereen meteen onder de blubber en hebben we dat ook maar alvast gehad. Daarna lopen we verder over de weg. Na de checkpost steken we de brug over en gaat het langzaam omhoog. We hebben de rivier aan de rechter hand nu.

De wandeling gaat langs akkertjes en over varkensafscheidingen. We lunchen onderweg met heerlijke kleine banaantjes en met mie-goreng van Janche (onze kok). Er zijn ook nog wat vreemde lokale vruchten met kleine zaadjes. Geen idee hoe ze heten maar smaken heerlijk.

Niet iedereen in de groep heeft trouwens drinkwater, hadden we het idee van die supermarkt toch wat beter moeten communiceren misschien?

Rond een uur of vier lopen we, met aan elke vinger een klein kind, het dorpje Hitugi (of Hitugima) binnen. We logeren in een huisje met 4 kamers en eten in een andere hut aan een tafel.

Vrijdag 26 september  Trek dag 2, naar Yogosem

Ik ben al vroeg en heb heerlijk geslapen. Buiten ga ik me wassen bij een grote ton met water. Lekker badderen met z’n mandi-bakje. Om zeven uur wordt de rest ook wakker en ontbijten we met brood, kaas en jam. Het is niet heel veel maar smaakt wel goed.

Om half negen lopen we Hitugi weer uit. De route gaat eerst nog redelijk vlak en daarna over een mgooie lianenbrug over de Mugi rivier. Daarna klimt het vrijwel recht omhoog. Het klimmem gaat me best goed af, misschien heeft drie weekjes “inlopen” op Groenland z’n nut gehad want normaal ben ik niet z’n klimgeit.

We lopen over een smal pad, af en toe al lekker glibberen. Zo nu en dan regent het maar nooit hard genoeg om naar een regenjas te verlangen. Onderweg zie ik veel orchideeën en hier en daar wilde aardbei langs het pad. We lunchen lekker lang en drinken onderweg nog een keer lekker thee. Dan nog een klein stukje omhoog en omlaag en om half vier lopen we Yogosem binnen.

De porters zingen als we het dorp inlopen. We zijn “DE” bezienswaardigheid voor de kinderen van het dorp. Met Otto, Theo, Ellen en ik slapen we in een achterkamer van een hutje, Frits en Dick slapen in een andere hut.

We gaan ons wassen bij de mandi plek. Een stel kinderen brengt Ellen en mij naar de rivier en het blijkt een flinke wandeling voor we door de blubber van het dorp daar komen. Enige privacy is er niet bij, ze blijven allemaal kijken hoe je je aan het wassen bent.

Het eten is weer heerlijk.

Vanavond gaat ook de zak chocolade die we van Martine hebben gekregen er in 1 keer doorheen. Vooral sommige porters vinden de mini-marsjes en andere chocolade wel erg lekker.

Ons huisje is verder net een ziekenhuis. Alle porters zijn plotseling ziek en vooral de tijgerbalsem die Ellen op de schouders smeert is erg populair.

Zaterdag 27 september  Trek dag 3, junglekamp voorbij Kiroma

Goed geslapen. Voorlopig voor het laatst in een hutje waarschijnlijk. Na ontbijt komt het allemaal erg langzaam op gang vandaag. We verzorgen de voetwonden van Papua Otto. Op blote voeten lopen is ook voor deze mannen niet altijd zonder gevolgen.

Er blijken 10 porters afgehaakt te zijn. Ze vinden het te zwaar en te nat en te weet-ik-veel en blijven in Yogosem achter. Thony heeft moeite om in Yogosem nieuwe mannen te vinden die met ons mee willen. Wij vertrekken alvast met kok Janche.

De route gaat eerst nog langs een pad. Daarna trekt het de jungle in. Modder en boomstammen. Het bos is groen, de blubber zwart en het is even oefenen hoe je over de dikke boomwortels handig door de blubber kunt. Ik stuiter een keer lekker van een boomstam af en kom op mijn rug in de prut te liggen. Voel de pijn nu nog in mijn kont.

We volgen ongeveer de Mugi rivier ook al zie je ‘m af en toe niet door de dichte jungle.

Rond een uur of elf zijn we in Kiroma, een klein dorpje langs de rivier. Hier wachten we op Thony en de nieuwe porters. Hij heeft er in Yogosem al acht gevonden die mee willen.

Dan volgen we in verder de rivier. Er zijn hier veel akkertjes met zoete aardappel, hier en daar wat kool (zie ik zelfs spruitjes?). We slingeren langs de rivier, soms links, soms rechts. Af en toe oversteken over boomstammen. Bij een mooie plek langs de rivier is de lunch met mie-soep en thee en het is mooi weer. Zonnetje schijnt heerlijk.

Na de lunch verdwijnt de rivier weer de dichte jungle in. Het begint ook lekker te regenen. Zo klimmen en klauteren we over de boomstammen en rotsen langs de rivier. Lekker blubberig allemaal.

Vlak voor het kamp is er nog een stukje handen en voeten recht omhoog klimmen.

Bij de kampplek staan twee hutjes. Eentje (de grote) is voor de porters. In de kleine maken we ook een vuurtje en kunnen wij lekker een beetje opdrogen en weer warm worden. De sokken hangen aan het dak om te drogen. Sommige mensen kruipen al in de tentjes.

Thony vraagt of ik met hem in het kleine hutje bij het vuur wil slapen deze nacht en dat lijkt me wel een grappig idee.

Om zeven uur is er weer heerlijk eten in de grote hut ie warm en gezellig is. De regen is gelukkig gestopt. De porters zingen als ik ’s avonds mijn slaapzak uitrol in de kleine hut.

Ik zet vanavond de voeten van Frits nog even in de zinkzalf. Het ziet er slecht uit. Hij heeft een soort halve laarzen en loopt dus continue met zijn voeten in de modder en dat gaat ook zijn laarzen in.

Slapen bij het vuur is wel erg lekker.

Zondag 8 september  Trek dag 4, gedoe met porters, nieuwe mensen regelen, dag verloren

Ik heb heerlijk geslapen in het hutje zo samen met Thony. Die zorgt wel dat het vuur blijft branen. Afgelopen nacht heeft ‘ie mij ook uitgelegd wat er anders is met de porters tijdens de tocht van Paul en hoe het nu niet hetzelfde is. Het heeft te maken met de families waar de porters vandaan komen. Ook legt hij uit dat de porters daggeld krijgen en startgeld. Dat startgeld is zodat ze voor vertrek aardappelen kunnen kopen. Als er dus porters afhaken (zoals gister in Yogosem) dan is ‘ie het startgeld dus kwijt.

We ontbijten met pannenkoeken en er zijn nu ook allerlei snacks voor onderweg tijdens het wandelen (hebben we gister om gevraagd, dat helpt!) We zijn klaar voor een zware dag door de jungle. Terwijl we op de porters wachten verzorgen we nog even de wond op de voet van Papua Otto.

Plotseling is er toch weer gedoe met de porters. Een paar uit Kiroma willen toch terug. De groep porters splitst. Bagage wordt herverdeeld over de porters. Dan blijkt dat het Lani deel van de porters ook niet wil. Kok Janche moet er zelfs van huilen. Zijn familie zegt dat hij ook mee terug moet, ze willen niet dat Janche nog verder met ons mee op reis gaat. Hij voelt zich door z’n Lani vrienden onder druk gezet. Thony laat de keuze aan Janche. De loyaliteit van Janche naar zijn stam weegt voor hem uiteindelijk zwaarder en hij is erg verdrietig over hoe het loopt.

De mannen uit Kiroma blijven dan uiteindelijk toch wel. Thony verandert ook de deal, ze krijgen nu pas geld als ze de hele tocht uitlopen en niet per dag. Als ze afhaken dan krijgen ze niks meer.

Het plan is om nog extra mannen uit Kiroma te vragen om mee te gaan om het vertrek van Janche en z’n familie op te vangen. Daar is nu het wachten op. We proberen nog te bellen met mensen in Wamena of Yogosem maar dat lukt niet.

Thony komt nog met andere verhalen. Hij had zes porters die in vier dagen met het eten vanuit Wamena naar Angguruk zouden lopen maar die zes die stopte in Yogosem al na twee dagen. De nieuwe porters die nodig waren om het eten naar Angguruk te brengen wilde het wel doen maar alleen in vier dagen, en niet in de (resterende) twee van de andere groep. Daardoor is het vervoer van het eten dus twee dagen duurder geworden voor Thony. Hij zegt dat ‘ie een probleem krijgt met zijn budget. Ook over het dubbele startgeld heeft hij een probleem. Ik krijg een beetje het idee dat hij geld van ons wil (vraagt ‘ie ook om) maar ik probeer hem toch uit te leggen dat het hele porter probleem iets is dat hij zelf moet oplossen en als het extra geld kost ‘ie dat maar via Ginting van Jefalgi moet regelen met HT in Meppel. Ook praten we nog wel even over dat Thony onze kok Janche weg laat gaan terwijl we een afspraak hadden dat hij en Janche bij onze groep zouden zijn, en dat ik het allemaal wel begrijp maar dat ik ook ad begrepen dat het niet zo was afgesproken. Wel, daar waren we het wel over eens en daarmee stopte ook de discussie over geld weer.

We hangen ondertussen de hele dag wat rond. Ik SMS naar Meppel dat we gedoe hebben met de porters. We verliezen een hele dag. Tegen het vallen van de nacht komen er nieuwe porters uit Kiroma.  Uiteindelijk hebben we dan een ploeg van 24 porters (en niet 20). Thony laat ze allemaal drie keer expliciet beloven dat ze de hele tocht bij ons blijven, dat ze in ieder geval mee gaan over de Elit tot Angguruk. Ook vertelt Thony nog een keer dat ze pas op het eind geld krijgen.

We zullen zien, morgen vroeg op pad.

De porters zingen mooi in de hut waarin ze slapen. Ik lig weer lekker onder het zeiltje bij het vuur.

Maandag 29 september  Trek dag 5, door de blubber omhoog naar Siyampas

We staan vroeg op. De porters hebben er zin in en nog voordat iedereen uit z’n slaapzak is gekropen gaan de eerste kerels al op pad. Het ontbijt brengt havermout –die zo hard is als betonspecie- en kleffe pannenkoeken. Goed loop-voer maar over het recept van de havermout moeten we toch nog ‘ns praten.

De tocht vandaag is super. We lopen langs de Mugi rivier omhoog. In het begin nog best een serieuze rivier, boven een klein stroompje. Zo stijgen we van ongeveer 2500 naar 3200 meter. Het is flink klimmen en klauteren, vaak op handen en voeten, gebruik makend van boomwortels, rotsen en af en toe een helpende Papua die hand helpt. Maar het is erg mooi, al dat water en een dicht groen bos om je heen.

Om een uur of tien zijn we op de Siyampass. Het is super helder weer en we kunnen met gemak Yogosem zien liggen. Prachtig uitzicht.

Met Frits gaat het wat slechter. Hij heeft hele slechte laarzen, zijn voeten waren al best kapot, en hij klimt heel langzaam. Ondanks alle Papua’s komt hij ongeveer anderhalf uur later boven op de pass. Maar als hij er eenmaal is, en na een vermoeide kreet om de helikopter, kan hij er zelf wel weer om lachen.

De tocht gaat nu door een redelijk vlak terrein met enorm veel blubber. Waar je ook loopt, wat je ook doet, tot je knieen of verder in de zwarte drek is onvermijdelijk. Het is zwaar maar ook wel weer erg mooi.

We lunchen op de plek waar het team uit 2005 kamp heeft gehad. Wij gaan nog zo’n twee uur verder door het bos. Zo proberen we ook een deel van de vertraging door het porter-gedoe in te lopen. Het is prachtig. Grote boomvarens, ruig bos, blubber en zooi.

Rond half vier komen Ellen en ik op de kampplek. Er is al een groot porter-home gebouwd en een enorme stapel stookhout uit het bos gekapt. De ene na de andere boom gaat om. Theo en Dick zijn er al. Lekker wassen in een poeltje. Otto en iets later ook Frits komen op het kamp. Otto ziet paling in de wasvijver. Het zijn echte bloedzuigers. Het is lekker drassig op het terrein en ik ben blij met mijn Aqua-folie grondzeil dat ik voor de reis nog heb gekocht.

We eten en lachen met de porters in de grote porter-tent. Het is gezellig.

’s Avonds breekt er een spectaculair onweer los. Wat een geweld die donder in de bergen. Om acht uur kruip ik in mijn kleine gele tentje. Het regent er stevig op los.

Morgen is de Elit pass aan de beurt.

Dinsdag 30 september  Trek dag 6, de lange dag (en nacht) over de Elitpas

We staan vroeg op. Weer heerlijk geslapen in mijn gele tentje. De porters, en ook Thony, hebben het koud gehad. Ze zijn kletsnat geworden in de porterhome.

Vandaag is de zware dag over Elit. Het eerste stukje is nog omhoog door de blubber. Er staan een paar hele mooie grote boomvarens. Om tien uur zijn we op het hoogste punt van de Elit pas op ongeveer 3600 meter. Hier wachten we een tijdje op Frits maar die is echt ver achter. Het gaat hem zwaar.

Na de pass komt een relatief gemakkelijk uurtje over een soort van hoogvlakte. Beetje blubberen maar goed te doen. Hier wachten we ruim een uur op Frits. Het weer wisselt snel, soms zit je in e stralende zon en dan weer in dichte mist. Het is nog ruim voor twaalf uur maar we gaan toch alvast lunchen want het is de laatste kans omdat we nu ruim 1000 meter over de ladders omlaag moeten.

De afdaling is super spectaculair. Het gaat via ladders van boomstammen en takken, klauteren over rotsen en steeds maar omlaag. Af en toe echt rotsklimmen, je vasthouden aan de planten en soms aan een Papua-hand.  Met Otto gaat niet zo snel en ik besluit maar bij hem te blijven en samen de klim omlaag te doen. Later zie ik ook Frits met een porter op de berg en dan zijn we met z’n drieen, met twee porters.

Rond zes uur zijn wij het steile deel voorbij. We komen langs wat hutjes. Met de groep van Paul is hier toen gekampeerd maar er is een regel dat dit niet meer is toegestaan. Je mag er geen hout meer kappen en daarom moeten we nog een stukje door.

Met Frits en Otto gaan we verder door de blubber en het bos. Het wordt snel donker. We denken er even over om een bivak te maken in een hutje waar we voorbij komen. Iedereen heeft een hoofdlamp bij zich in de dagrugzak en we beslissen om toch maar verder te gaan. Het is lastig lopen door de jungle met een hoofdlamp. We gaan langzaam.

Af en toe kort rusten, maar wel doorgaan. Om half acht komen er porters uit het kamp ons tegemoet met extra lampjes en handjes. We zijn er nu echt bijna.

In Piliom logeren we in de Bijbelschool. Ellen is echt blij ons te zien binnenkomen. We zijn moe maar alles is goed gegaan.

Het was een lange –te zware- dag. Vooral omdat het tussenkamp niet kon en wij verer moesten. Misschien toch kijken of er volgende keer direct na de afdaling een kamp gemaakt kan worden, desnoods koken op benzine ofzo. Je kunt ook overwegen om een kamp te maken direct voor de afdaling en dus de ladders ’s ochtends te doen.

Morgen is het terrein weer wat vlakker.

Woensdag 1 oktober  Trek dag 7, richting Tingelimo

Na het “avontuur” in de nacht van gister gaan we vandaag weer voor de wat eenvoudiger routes. Ik heb rommelig geslapen na het gedoe met Frits en Otto in het bos en direct na vertrek merk ik dat ik ben als een dweil. Ik loop slecht en langzaam. Gelukkig zijn er dan Papua-handjes af en toe.

Pas om een 1300 uur ben ik bij de lunchplek na veel klimmen en klauteren door de blubber. Het eten doet me goed. De bananen en vooral ook het suikerriet zijn heerlijk. Ik denk ook dat we iets te weinig zout eten, zal voortaan toch de zout-pot maar eens wat meer gebruiken.

Na de lunch loop ik een stuk beter. Het eerste deel van de middag ging nog door het bos. Tegen drie uur loop ik het bos uit en zie ik een wat meer open vallei. Beneden ligt een klein plaatjes met wat hutjes. Daar gaan we naar toe, nog even omlaag klauteren.

Tegen half vier zijn we bij een missie-huisje vlak voor Tingelimo. Gelukkig slapen we hier. We overnachten in het huis van missionaris Hermano. Het zit hier vol met super nieuwsgierige kinderen die als je je staat te wassen zelfs de onderbroek van je kont trekken. Er loopt ook een oude man rond met een enorme peniskoker en tientallen hoepels die hij als een rokje om zijn middel draagt.

De Papua’s zijn blij met de sigaretten. Ze hebben het de afgelopen dagen ook best zwaar gehad denk ik. Het was een zware dag. Morgen gaan we naar Angguruk en daarna is er een rustdag.

Donderdag 2 oktober   Trek dag 8, aankomst in Angguruk

Het was een goede nacht in het huis van Hemano. Goed geslapen. Het zit nog steeds vol met nieuwsgierige kinderen die door alle kieren van het huisje naar ons gluren.

Na het ontbijt gaan we op pad richting Angguruk. De kinderen blijven als vliegen rond de stroop om ons heen zwermen. De wandeling gaat eerst nog een beetje op-en-neer over glibberige weggetjes. Het landschap is open en we kunnen ver de vallei in kijken. Onderweg zingen de porters, het klinkt mooi. Alsof ze ook blij zijn dat Angguruk in zicht is. Onderweg komen we nog over een mooie brug over een wild stromende rivier.

Rond elf uur lopen we Tingelimo binnen. Een mooi klein dorpje. Een aantal hutjes, wat akkertjes.

Ik loop daarna meteen door, Frits en Otto blijven er wat hangen.

Om twaalf uur kom ik in Angguruk. We nemen hier onze intrek in een zaaltje van het zusterhuis en ik ga languit op het gras liggen bij Dick, Theo en Ellen.

Lekker bijkomen van een paar pittige dagen.

We kunnen ons wassen in een soort schuurtje achter het verblijf van de porters. Er is een kraan met een grote waterbak. Heerlijk.

’s Middags doen we niet veel. Behalve wachten op het avondeten.

’s Nachts, als we gaan slapen, dan zien we ineens een enorm onweer aan de andere kant van de bergen. Een half uur, misschien wel langer, gaat het heel erg tekeer. We horen niets maar zien wel de bliksem Het is een super spectaculair lichtshow. Heel bijzonder.

Vrijdag 3 oktober  Rustdag in Angguruk

Vandaag hangen we rond in Angguruk. Het is een klein dorp dat vooral gerund lijkt te worden door de missie. Er is hier een ziekenhuisje maar de Duitse (of Nederlandse) dokter is op cursus in Djakarta. De missionaris is er zelf trouwens ook niet. Wij blijken te slapen in het zusterhuis, in een zaaltje waar soms les wordt gegeven aan de zusters ofzo, en waar de missionaris voor de kinderen uit het dorp op een TV toestel film draait voor 1000 Rp. Verder is er een schooltje en twee maal in de week is er markt. De markt is in ieder geval op vrijdag, vandaag dus, maar dan wel heel vroeg in de ochtend en dus hebben wij er weinig van kunnen zien.

Tenslotte is er een airstrip middenin het dorp waar de kinderen op voetballen en er is een indrukwekkende nieuwe kerk in aanbouw.

De toeristen zijn hier niet echt een onderdeel van het bestaan. Dit jaar zijn er zes Czechen en twee Fransen geweest. En met ons dus ook zes Nederlanders. Totaal 14. De missionaris vindt dat toerisme hier weg moet blijven. Er is dan ook vrijwel geen souvenirverkoop en helemaal geen winkeltjes voor touristen. Zelfs geen zeep, tandpasta of cola te koop. Gewoon twee maal per week een markt en that’s it.

Thony probeert wat inkopen te doen. Meel, groenten en olie. Voor vlees slaagt hij niet, een kip of een varkenspoot kost een miljoen roepies (80 euro) en dat is natuurlijk veel te veel.

We laten in dit dorp voor een paar roepies onze leren wassen. Natuurlijk zullen ze morgen na tien minuten weer helemaal vies zijn maar het is me de 30.000 Rp wel waard.

Om exact drie uur begint de wind en regen weer. Je kunt de klok erop gelijk zetten.

Zaterdag 4 oktober  Trek dag 9, van Angguruk naar Tangeyam

We staan vroeg op in ons slaapzaaltje. Snel inpakken en ontbijten en op pad voor een lange dag naar Tangeyam. Vrijwel direct gaan we over een spectaculair hangbrug met een hoog Indiana Jones gehalte. Daarna omhoog, omlaag, langs erg schuine rotsen en door veel blubber. Vooral de schuine rotsen zijn soms best even oppassen.

We lunchen onder een mooie overhangende rots. Daar gaat ook een mooie stokken-ladder omhoog. Het pad wordt ietsje eenvoudiger maar het blijft een pittige wandeling.

Vlak voor Tangeyam komen we nog door Abundala, een mooi klein dorpje. Daarna nog een uurtje klimmen en dalen en langs twee stevige rivieren. Er is geen brug (of niet meer). Het regent inmiddels flink. Ik ben tot op de laatste draad nat als we intrek nemen in de school. Om half vijf ben ik binnen. Drie kwartier later is ook het duo Frits en Otto binnen. Allemaal voor donker onder dak dus.

Zondag 5 oktober  Trek dag 10, naar Panggima

Na een wat rommelige nacht in het –zelden gebruikte- schoolgebouw van Tangeyam gaan we weer op pad. Het klimt lastig omhoog en omlaag door de jungle. Het blijft erg uitkijken om te zorgen dat je niet uitglijd. Vlak voor een mooie lianenbrug gaat het mis. We moeten daar eerst nog even over twee boomstammen. Ik ga als laatste, samen met een porter, en krak krak en ik stort samen met de porter zo’n 3 tot 4 meter omlaag een ravijn in. Dat is even flink schrikken. We liggen aar beneden in het gat. Gelukkig is er niks echt kapot of bezeert maar zo’n valpartij kost toch even snel een heleboel energie. De rest van de dag doe ik maar een beetje rustig aan.

Het is erg warm. De lunch kan ik goed gebruiken, na een flinke hap eten gaat het weer een stuk beter dan na de val.

Rond twee uur lopen we Panggima binnen over de airstrip. Het is wat zoeken naar een plekje voor de nacht maar kunnen in een gebouwtje slapen. Een paar mensen gaan in tenten.

In de middag ga ik het overleg met Thony maar weer ‘ns wat opschudden. Er zijn best wel een paar onderwerpen en nogal wat onduidelijkheid over wat we de komende dagen gaan doen. De lengte van de dagen is vaak onbekend, de plek van lunchen bij de voorste in de groep niet duidelijk waardoor de achterste soms pas om twee of drie uur iets te eten hebben. Ook gaan we vragen om meer koolhydraten bij het ontbijt, iets met mie ofzo. Het valt ook op dat sommige mensen soms geen porter bij zich hebben in het bos en we willen afspreken dat er altijd 1 porter bij elke deelnemer is.

Overleggen met Thony valt niet altijd mee. Dat merkte we ook al na het debacle met de Elit pass waar we ’s nachts met zaklampjes door het bos moesten. Hij was toen nergens te bekennen, misschien niet zo’n zin in commentaar of vragen van de deelnemers. Ik had meteen bij aankomst in Panggima gevraagd of hij wilde komen praten maar juist zodra Ellen naar de wasplek gaat duikt hij op om over de route te komen praten. Nouja, zou toeval kunnen zijn. Hij wil niet met de hele groep overleggen. Hoe het ook is, Thony en ik bespreken de route en de bespreekpunten eerst samen. Ik laat hem een soort hoogteprofielen tekenen van de komende dagen.

Daarna vertel ik aan de hele groep wat we besproken hebben en daarna komt Thony om ook nog even vragen te beantwoorden van de deelnemers. Hij blijft in de deuropening staan, hij zegt ziek te zijn en spreekt naar de groep in algemeenheden. Hoe het ook gaat, we hebben weer wat duidelijkheid en iedereen heeft z’n dingen besproken gekregen.

Voor morgen staat Potengs op het programma. Een lange dag. En spreken af dat we in het tweede dorp dat we onderweg tegen komen (waarschijnlijk gaat dat lunch worden) een beslismoment hebben om te zien of we doorgaan door de jungle naar Potengs of een extra overnachting inlassen.

Het eten smaakt me goed en ik heb een lekkere slaap plek in het hutje.

Maandag 6 oktober  Trek dag 11, door de jungle via Tukam, Tonggoi naar Potengs

Het belooft een lange dag te worden dus de wekker wordt vroeg gezet, om vijf uur. Even na zes uur zijn we op pad en lopen we Tangeyam uit. Het eerste stuk nog op een erg goed pad. Dan wat glibberig omlaag en over een Indiana Jones hangbrug de rivier over. Daarna is het flink dalen en stijgen. Totaal geloof zo’n 1200 meter omhoog en 600 omlaag. Stevig aantal hoogtemeters en het is erg warm in de zon. Ik merk dat het lastig gaat, deze ochtend is zwaar, mijn drinkwater gaat snel op.

We passeren het eerste dorp, Tukam. Van daaruit gaat het verder omhoog, nog steeds is het erg warm en net na de middag komen we we al bij het tweede dorp, Tonggoi. Hier lunchen we. Het zou ook het go/no-go beslis moment zijn maar zonder veel discussie neemt iedereen aan dat het een “go” is. Er is suikerriet, heerlijk snoepgoed is dat toch!

De porters koken water om de flessen weer bij te vullen en na deze lekkere lange lunch gaan we weer op pad. Eerst gaat het nog zo’n twee uur door de dichte jungle omhoog. Het is niet zo steil meer en een lekkere verkoelende regenbui maakt het ook wat minder warm om te lopen. Zeker met de schaduw van een dik bladerdek erbij is het goed te doen. Het bos is erg mooi, dikke boomwortels en alles bedekt onder een groot sompig pak groen mos.

Om drie uur houden we even pauze. We zijn “boven”. Dat valt weer erg mee allemaal.

Vrijwel direct daarna lopen we het bos uit. Aan de overkant van de vallei zien we Potengs al liggen. Het is nog een uurtje lopen.

Het laatste stuk is super vlak door een soort rietland. Het lijkt wel alsof ik bij Loosdrecht aan het wandelen ben. Vlak voor het dorp is nog een rivier die ruimschoots knie-diep is. Het water loopt lekker de laarzen in dus maar dat geeft niet want de slaapplek is in zicht.

Tientallen kinderen wachten me hier op. Ze zijn super nieuwsgierig. Aan elke vinger een kind, zo loop ik het dorp binnen. De kinderen zitten overal aan, trekken aan mijn rugzak enzo. Dat wordt nog lachen de komende dag met al die koters.

Ik zoek snel Theo op. Hij zit in een soort schuur achtig schooltje. Snel daarna komen ook Dick en Ellen en daarna Otto en Frits binnen. Ellen en Dick hebben een beetje een omweg gemaakt.

Een helse regenbui breekt los. Het deert de kinderen niet, ze blijven allemaal in rijen dik rond ons huisje staan en gluren door alle ramen, kieren en gaten naar ons.

Morgen is in dit dorp het varkensfeest. Wij blijven hier ook twee nachten slapen.

Dinsdag 7 oktober  Varkensfeest in Potengs

We kunnen vandaag uitslapen. Dat wil zeggen, als je je niet teveel aantrekt van de tientallen kinderen die via alle kieren van de hut naar je aan het gluren zijn. Ze hebben ons gebouwtje al erg vroeg belegerd als een lekker ridders rond een middeleeuwse stad. Wat zijn het er enorm veel.

Na het ontbijtje probeer ik me te gaan wassen bij de rivier maar als ik op pad ga mijn met stukje zeep wordt ik belaagd door kinderhandjes en ik vlucht snel terug de hut in.

Halverwege de ochtend is er een varken uitgekozen dat als hoofdrolspeler in het feest gaat optreden. De mannen en vrouwen zijn gekleed in traditionele kleding. Ellen maakt een dansje met de vrouwen. Ze krijgt een soort rokje om. De mannen maken een vuur. Er gaan grote stenen op die worden heet gestookt.

Met pijl en boog schiet een krijger het varken van heel dichtbij in het hart dat daarna met enig gekrijs een langzame dood sterft. Hij moet even “geholpen” worden door een man die met zijn voet de keel dichtdrukt.

Tussendoor grijpen Thony en ik de kans om ons wel even zonder publiek te wassen in de rivier. Daarna gaan we weer verder kijken bij het varkensgebeuren.

De huid wordt eraf geschroeid en daarna wordt met stukken vlijmscherpe bamboe het beest verder geslacht, of zouden we het beter gesloopt kunnen noemen?

De hete stenen worden naar een grote kuil met groente overgebracht, daar gaat het varken bij, nog wat meer groente en zo blijft het een uurtje ofzo lekker pruttelen totdat het gaar is.

Vandaag is er ook een levendige handel in souvenirs. Dit is de laatste kans voor “echt” voordat we in Wamena zijn. Otto lijkt alle peniskokers van het dorp te kopen. Ik laat me verleiden om zo’n mooie tas te kopen.

Om twee uur gaat het weer keihard regenen. De rest van de dag doen we niet erg veel. Meer dan een bordje met wat varkensvlees en stukjes lever hebben we niet terug gezien van het beest. Misschien komt dat de komende dagen nog maar het zou ook kunnen dat het hele dorp mee heeft gegeten van het beest.

Vanaf nu komen er nog vier jungle kampen en zullen we onderweg geen dorpjes of mensen meer zien tot we weer in de Baliem vallei zijn

Woensdag 8 oktober  Trek dag 12, junglekamp

We staan weer vroeg op. Vandaag begint de laatste etappe, terug naar Wamena in een dag of vier. Meteen worden we van alle kanten bekeken door de kinderen van Poteng. Papua Otto is vandaag jarig (wordt 28) dus we zingen voor hem. Hij krijgt een zelf bedrukt T-shirt van Nederlandse Otto als kadootje.

Dan gaan we richting west. Het eerste stuk volgen we de rivier. Langzaam aan gaan we de jungle in en gaan steeds omhoog. Na anderhalf uur is er wat onduidelijkheid over het pad. De Papua’s overleggen vol vuur over wat ze vinden dat er moet gebeuren. Uiteindelijk beslist men dat we meer naar rechts moeten. Er worden wat bomen omgehakt om een brug te improviseren. Dan gaan we een stukje echt dwars door de dichte bush-bush en dan komen we weer op een soort trail langs een andere tak van de rivier.

Het blijft door/langs een riviertje omhoog gaan. Veel blubber en boomwortels en boomstammen om overheen te balanceren. We zijn weer echt middenin de jungle. En het regent de hele ochtend een beetje.

Tegen een uur of twaalf komen we weer bij een brug van takken. Daarna nog drie kwartier tot ik bij de lunchplek ben. Na de lunch wachten Ellen en ik nog even op Frits en Otto maar die verschijnen nog niet. Hun lunch-box wordt door de Papua’s naar hun toe gebracht en wij gaan alvast verder richting het kamp. Dick en Theo zijn al eerder klaar met wachten en richting kamp plek te gaan.

Tegen een uur of drie komen we op een krappe kampeerplek. Er verschuint een porter-home en wij bouwen onze tentjes op. Het is gestopt met regenen. Er is weinig plek voor de tenten, hier en daar wordt de ondergrond iets aangepast maar toch kamperen we een beetje over boomwortels en ongelijkvloers.

Iedereen is door en door nat van de regen en het gepruts langs de rivier die hier en daar ruimschoots dieper was dan de de laarzen hoog zijn. Gelukkig hebben de Papua’s weer een onvoorstelbare berg stookhout gehakt en verschijnt er een groot vuur in het porter-home. Lekker de kleren, sokken, laarzen drogen en warm worden.

Het begint later in de middag weer enthousiast te regenen. De paar meter van de porter-home naar mijn tentje is niet aantrekkelijk. Met een geleende paraplu duik ik toch om acht uur mijn tentje in om te gaan slapen.

Donderdag 9 oktober  Trek dag 13, over de rand, junglekamp

Het heeft de hele nacht lekker hard geregend en alles is goed nat, klam en vies. Om hal zes ontbijten we en net na zes uur gaan we op pad. De routine om vroeger te vertrekken zit er goed in. Daardoor zijn we meestal net ietsje vroeger op de kampplek om de drie-uur-regenbui te vermijden.

De route gaat vandaag door dichte jungle. Lekker klimmen en klauteren over boomstamen en wortels. Het gaat me goed af. Langzaam klimmen we verder omhoog tot uiteindelijk 3600 meter. Vanaf de top kun je zelfs in de verte Wamena al zien. Het is echter nog twee-en-halve dag lopen voordat we daar zijn. Op de top worden door de Papua’s op een klein vuurtje wat aardappelen gepoft. Da’s wel lekker.

Het terrein is opener en langzaam daal ik af tot het kamp op 3300 meter. Het is weer een echt junglekamp met een gigantische porter-home. Ik ben om half drie op het kamp, lekker op tijd om net voor de regen mijn tentje op te zetten. Het gaat om drie uur ook gewoon weer regenen. Frits en Otto gaan vandaag weer langzaam, om vijf uur komen ze op het kamp. Frits is “kapot”, Otto is de hele dag bij hem gebleven om te helpen.

Bij het vuurtje warmen we wat op. De regen is niet erg heftig vandaag. Alle fourage wordt geteld. Zo te zien is er nog voldoende om de maaltijd wat uitgebreider te maken.

Om acht uur kruip ik in mijn tentje. Buiten is het koud.

Vrijdag 10 oktober  Trek dag 14, junglekamp, de dag van Frits

We vertrekken ietsje later dan normaal. Het is koud geweest vannacht en het waait hard. Aan de enorme vuren te zien hebben de Papua’s het ook koud gehad. Toen ik vanochtend in het porter-home kwam lag het hele gezelschap als een twintigdelig servies lepeltje-lepeltje op de grond te slapen. Van boomschors en varenbladeren hebben ze een soort slaapmatje gemaakt maar ’t is vast een koud en nat nachtje geweest voor ze.

Sommige mensen in de groep hebben wat maag/darm problemen. Het viel gister en ook vanochtend al op dat het koken van drinkwater niet zo heel erg nauwkeurig gebeurde. Hygiene is lastig met de haven in zicht en op een koude vermoeiende kampeerplek.

We lopen het eerste uur door een half open terrein. Het stapt lekker soepel weg, langzaam naar beneden. Daarna gaan we de blubber jungle weer in.

Frits heeft het zwaar vandaag. We horen van Thony dat hij er na een uur bij is gaan zitten. Hij kan niet meer lopen en gaat niet meer vooruit.

Wij lopen door naar de lunchplek. Daarna is het nog zo’n twee en half uur over de boomstammen en rotsen klimmen. Het regent eventjes als ik om half vier op de kampplek aankom. Snel de tentjes bouwen en dan gezellig in de porterhome bij het vuur. De kampplek is prima, voldoende ruimte voor alle tenten en goede vlakke ondergrond.

Frits wordt ondertussen opgehaald door een groep porters. Hij komt echter niet verder en slaapt deze nacht op de plek waar wij lunch hadden Er zijn porters bij hem en hij heeft z’n eigen spullen en een tentje enzo. We hopen er maar het beste van. Morgen gaan ze hem tillen op een bush-brancard.

Otto komt net voor vijf uur binnen. Hij was nog een tijd bij Frits gebleven maar met Otto zelf gaat het prima.

We hebben lekker gegeten. Alles is fijn droog en arm en er is geen regen meer.

Dich ontdekt dat z’n e-ticket en wat andere papier zijn verzopen. Ik SMS naar kantoor om te vragen een kopie te mailen voor het geval dat problemen geeft op het vliegveld (uiteindelijk blijkt dat we het niet nodig hebben en hij gewoon met z’n paspoort mee kon en dat was nog droog genoeg).

Zaterdag 11 oktober  Trek dag 15, omlaag naar Pagima

In een relatief droog tentje word ik wakker. Lekker geslapen. Het kamp komt vandaag maar langzaam op gang. Pas rond acht uur gaan we op pad. Ik laat nog een briefje, wat chocolade en wat sigaretten voor de Papua’s van Frits achter. Wij vertrekken.

De ochtend loopt door de jungle over een blubber pad. Soms beetje klimmen maar meestal omlaag. Het is wel goed te doen. Rond de middag lopen we langzaam de jungle uit en wordt het terrein steeds meer open. Het is erg mooi. De eerste hutjes en verlaten dorpjes.

Na de lunch is er een beter pad. We komen langs Pebuba en uiteindelijk kamperen we voor de kerk van Pugima. We zijn weer in de bewoonde wereld. En we zijn dicht bij Wamena! Papua Otto heeft zelfs 24 blikjes coca-cola en begint een handel. Lekker hoor.

Frits heeft vanacht drie uur terug van ons kamp in het bos met een porter geslapen. Hij kan niet meer lopen. Z’n been is helemaal dik en rood. Vanuit ons kamp waren er nog 8 porters terug gegaan en samen hebben ze Frits op een brancard met z’n slaapmatje erop het bos uit getild.

Vanuit Pugima sturen we om vijf uur nog een porter terug met alle zaklampen zodat ze het laatste stuk ook goed licht hebben. Laat die avond, als het al erg donker is, komt Frits met z’n colonne  porters in het kamp. Het is half acht.

Als ik z’n rechter kuit zie is die inderdaad erg opgezet. Er zitten ook een paar lelijke wonden op en er komt troep uit. Ik vraag of er warm water gekookt kan worden zodat we z’n been goed kunnen wassen. Met alcohol maken we het ook even echt goed schoon. Als z’n schoen uit gaat komt de zwelling ook meteen in zijn enkel en voet. Het is een flinke infectie. Na wat beraad besluiten we Frits aan de Augmentin te zetten. Dat lijkt het beste dat we in de medicijnton voor handen hebben. Als alles goed schoon is maken we er een mooi verbandje omheen om de wond schoon te houden.

Thony mompelt al wat over geld enzo om de actie van de porters mee te betalen. Het gaat om twee miljoen Roepies. Ik leg hem maar uit dat de prioriteit nu even eerst is om de persoon veilig in Wamena te krijgen en dat we daar, in het hotel, wel over geld en de administratie kunnen praten. Thony heeft zelf al wel met Ginting in Jayapura gebeld over de extra kosten van de porters.

Morgen naar Wamena.

Zondag 12 oktober  Trek dag 16, laatste dag naar Wamena

Het regent vanacht een beetje. Tot een uur of zes. Ik pak mijn tentje zo schoon en droog mogelijk in. Voorlopig is het weer klaar met kamperen.

Frits vertrekt weer op de brancard. Wij lopen de laatste anderhalf uur omlaag over een breed pad. Ongeveer op de plek van de landslide komen we over een gele brug weer bij de weg. We zijn weer terug bij het vertrekpunt.

Na wat wachten komt het busje en worden we in het B.P. Hotel ingecheckt. Het loopt allemaal erg soepel. Om elf uur zijn we binnen.

We organiseren een afscheid van de porters. Ze staan al buiten bij het hotel te wachten. Wij halen geld op in de groep. De inleg van de verschillende deelnemers is nogal verschillend, niet iedereen blijkt even tevreden over de mannen. Uiteindelijk halen we 2.4 miljoen Roepies op voor de 20 porters. De mannen komen in het restaurant van het hotel, ze krijgen allemaal een drankje van ons. Er komen wat speeches over-en-weer. De enveloppe met geld gaat naar Thony. Die geeft het aan 1 van de senior porters en dan voltrekt zich een ingewikkeld ronddeel gebeuren waarbij elke porter steeds 1 of 2 biljetten krijgt totdat het geld op is. Openheid en eerlijk lijken voorop te staan. Iedereen kan goed meekijken en zien hoe het gaat. Of de fooi genoeg is kun je moeilijk inschatten, ze lijken er blij mee maar je weet maar nooit.

Dan maken we buiten voor het hotel nog een groepsfoto en dat is ook het moment om discreet de persoonlijke porter nog iets extra’s toe te stoppen. Thony heeft gevraagd om dat zo verborgen mogelijk te doen om scheve gezichten te vermijden.

We rusten en eten wat. Met Ellen samen wandel ik nog wat door Wamena. We kopen een ijsje en meer van die luxe.

Met Frits gaat het nog steeds slecht. We smeren nog wat fusline zalf op de wond. De wond zelf ziet er wel redelijk schoon uit maar de zwelling is nog steeds indrukwekkend.  Ik bel ondertussen met Marjan over de extra kosten (2M Roepies) en dat Jefalgi misschien zal bellen om een soort goedkeuring ofzo. We overleggen ook over verzekeringsgedoe en het inschakelen van de alarmcentrale. De Elvia alarmcentrale start een dossier (M7250). We zijn van plan om Frits morgen wel uit Wamena mee te nemen en dan in Jayapura het ziekenhuis op te zoeken. Het belangerijkste is om in ieder geval een fit-to-fly verklaring te krijgen voor Frits, zeker voor het deel met Singapore airlines.

’s Avonds gaan Otto, Theo, Ellen en ik lekker uit eten bij Macs. Frits is te slecht om te lopen en Dick heeft ook geen zin om mee te gaan.

Morgen gaan we vliegen.

Maandag 13 oktober  TGN276 Wamena (Baliem) naar Jayapura

We woren vroeg wakker van het Allah Akbar van de moskee van Wamena.  Vandaag vliegen we naar Jayapura. Het been van Frits is nog steeds slecht.

De vlucht gaat mooi op tijd en na 40 minuten brommen staan we om kwart voor negen in Jayapura waar Mr. Ginting ons oppikt en bij het airport hotel dropt. We spreken af om vandaag met Frit naar het ziekenhuis te gaan. Ik ga met Frits mee, de rest gaat met Thony naar het strand.

We rijden naar het katholiek ziekenhuis van Jayapura. Na wat gerommel op de eerste hulp komen we in de wachtrij voor de specialist. Het ziekenhuis oogt ouderwets maar wel redelijk schoon en betrouwbaar. Dat neemt niet weg dat in sommige gangen en kamers de insecten over de vloer kruipen. De verpleegsters lopen met ouderwetse kapjes op en hebben een groot kruis aan een hanger tussen de borsten hangen. Het komt allemaal wel redelijk strak georganiseerd over. Men spreekt nauwlijks Engels. Om 1300 zitten we bij de specialist in de spreekkamer. Weer vertellen we het hele verhaal. De man verstaat redelijk Engels maar spreekt het nauwelijks. Hij weet wel wat ‘ie wil met het been van Frits. Eigenlijk wil hij Frits in dit ziekenhuis houden. Na wat overleg over vluchtplannen en Bali enzo komen we tot een alternatief plan.  Vanavond moet Frits in het ziekenhuis blijven en krijgt hij een infuus met antibiotica. Als dat goed gaat mogen we hem morgen meenemen naar Bali en daar weer het ziekenhuis bezoeken om te zorgen dat hij ook fit-to-fly wordt verklaard voor de vlucht met Singapore airlines.

De hele middag zijn Ginting en ik bezig om te regelen dat die ziekenhuisopname lukt en dat er medicijnen komen voor het infuus. We moeten achter lakens en kussens aan, zorgen dat er eten komt. Het gaat hier allemaal niet vanzelf. Halverwege de middag komt ook de rest van de groep even langs in het ziekenhuis.

Er liggen nog vijf andere patienten op deze zaal die allemaal lelijke wonden hebben. Ze worden verzorgd door hun familie. Uiteindelijk kunnen we nog regelen dat Frits naar een VIP room mag met airco.

Ik spreek met Ginging af dat Jefalgi de kosten voor het ziekenhuis voorschiet en via HT in Meppel terugvraagt. Ik zit hier dus niet met eigen geld in.

Van de dokter krijg ik nog een advies mee om tijdens het vliegen iets met medicijnen/pijnstillers te doen. We hebben alle nodige spullen in de medicijnton.

Wij verlaten het ziekenhuis en gaan aan de rand van het Sentani meer in Youtours restaurant lekker eten. Het is echt super goed en eigenlijk heel goedkoop. We ontmoeten daar nog een Nederlandse vrouw die in de Baliem vallei een project gaat doen met kinderen. Ze kan er enthousiast over vertellen.

’s Avonds bel ik weer druk met Marjan van HT en met de Elvia alarmcentrale om dingen te regelen voor Frits en de fit-to-fly verklaring. Het is nog niet gelukt om ons in contact te brengen met de arts van Elvia. Voorlopig bespreken we het plan, als het ziekenhuis van Jayapura het veilig vindt, dan vliegen we naar Bali en gaan daar weer het ziekenhuis in. Het is soms lastig om te bellen met de satelliettelefoon.

Ik ben erg tevreden over de lokale support, over de reis als geheel, over de meeste dingen die Thony doet en zeker ook over Mr. Ginting, over HT, de porters. Eigenlijk best goed.

En ik ben echt blij dat ik met Ellen op reis ben.

Dinsdag 14 oktober  GA.653 Jayapura (Papua) naar Denpasar (Bali)

Wij ontbijten in het hotel. Ginting komt met Frits. De zwelling is duidelijk minder geworden (maar nog lang niet weg). De dokter vindt het goed dat hij naar Bali vliegt. De vlucht gaat goed en in Bali worden we opgewacht door Mr Karya.

Hij brengt Frits en mij naar het ziekenhuis, het BIMC, en de rest gaat direct naar het hotel.

Dit is wel even een ander ziekenhuis zeg! Echt zo’n Amerikaans hospitaal met alles erop en eraan. Meteen inschrijven, dingen met geld regelen. En dan komen we in een behandelkamertje. De wond wordt goed schoongemaakt. Dan komt de dokter. Die wil Frits ook houden. Het probleem is de kans op trombose en dan kan de infectie in zijn bloed komen. Daarom zou hij niet mogen vliegen. Na wat vragen en zeuren om een andere oplossing wil de dokter wel wat creatief meedenken. Er moet dan een ultrasone onderzoek gedaan worden naar bloedpropjes in zijn been. Daarvoor moeten we aan de andere kant van Denpasar naar een kliniek. Het is allemaal wel een boel gedoe maar als we Frits daarmee in een vliegtuig krijgen moeten we dat maar doen. Als we weer terug zijn in het BIMC bekijkt de dokter de foto’ van de ultrasone. Het ziet er goed uit, geen gevaar voor trombose. Wel krijgt Frits vandaag en morgen nog een dikke injectie met antibiotica.

Ondertussen probeer ik de alarmcentrale op de hoogte te houden over de gang van zaken en over fit-to-fly.

Ook zorg ik dat de medische rapporten van BIMC naar Elvia gaan. Daarin staat dat er een business-seat nodig is voor Frits zodat zijn been omhoog kan. Ik vraag of ze dat kunnen organiseren.

In het begin van de avond komen wij ook in het hotel. Een super mooi hotel, goede kamer, lekkere douches en goed gegeten.

Woensdag 15 oktober  SQ0945 Denpasar (Bali) naar Singapore en SQ0324 Singapore naar Amsterdam

Ik heb maar weinig geslapen vandaag. Wel, dat komt later wel in het vliegtuig denk ik. Om elf uur moeten we weer met Frits bij de dokter zijn voor nog een injectie. Hij krijgt er nog wat prikjes bij. Het bloed is ook onderzocht. Hij mag van de dokter vliegen. Wel krijgt hij nog allerlei medicijnen mee. Vanuit het ziekenhuis bel ik nog met Singapore airlines over de business-seat die ze als voorwaarde stelle om te mogen vliegen. Er is nog een seat vrij, maar ze hadden nog niks gehoord via Elvia ofzo. Ik neem maar een optie op die seat.

Na de lunch worden we opgehaald en naar het vliegveld gebracht.  Nog steeds was het ticket van Frits niet omgezet naar businessclass. Aan de bali zeggen ze dat we een nieuw ticket moeten komen (US$ 4262+). Das’ wel een beetje veel vind ik. Ik ga naar het Singapore airlines kantoor (schuin tegenover het vliegveld gebouw). Daar ga ik vragen of we ook een ticket-upgrade kunnen doen. Er komt een verhaal over groeps-korting enzo blah blah maar hij gaat toch contact opnemen met Amsterdam. Dan gaan we terug naar het vliegveld en wachten we op “het woord” uit Amsterdam. Uiteindelijk na wat zeuren mag ik toch een upgrade doen voor US$2863. Dat scheelt toch weer een boel dollars. Wel contant betalen, dat dan weer wel.

Uiteindelijk kunnen we vliegen.

Op Singapore moeten we nog een uur of zes rondhangen. Ik mail alvast met HT dat we Frits mee hebben kunnen krijgen en geef alvast aan wat de kosten zijn enzo. Dan kunnen ze alvast wat regelen.

De vlucht naar Amsterdam is weer lang vliegen maar gaat verder prima.

Donderdag 16 oktober  SQ0324 Aankomst in Amsterdam

In de vroege ochtend landen we, keurig op tijd, in Amsterdam. Alle bagage is er ook (ik moet de medicijnton ophalen bij odd-sized bagage). De reis zit er weer op.

bedankt.
Advertisements

Baliem Valley trekking

andrzejŚwietnie przygotowany program trekingu. Doskonała opieka przewodnika Arvida. Athan, szef Jefalgi Tours, czuwał nad przebiegiem całej wyprawy od momentu odbioru z lotniska do czasu wylotu. Goraco polecam tego operatora. Andrzejwojtasik, Poland-Poznan (August 2016)

Une semaine de rêve

michelNous venons de passer une semaine à la rencontre des Papous en Irian Jaya. 4 jours de trek dans la vallée de Baliem et 2 jours pour assister au festival de Wamena. C’était du bonheur! Athan qui était notre contact sur place et Arvid qui nous a guidé ont été adorables et d’un grand professionnalisme. Ils ont su nous faire vivre des moments privilégiés avec les Papous que nous avons rencontrés et nous avons été très sensibles au respect qu’ils avaient envers eux. Un grand merci à tous ceux qui nous ont accompagnés dans cette aventure (guide-cuisinier-porteurs) pour leur efficacité et leur gentillesse. Si l’aventure vous tente, n’hésitez pas: Athan, Arvid et toute leur équipe sauront vous combler! Michel-Veronique, Paris (August 2016).

Trekking + festival dans la merveilleuse vallée de Baliem… à la rencontre de la tribu indigène DANI

DanielElisabethSi vous êtes à la recherche d’une véritable expérience culturelle au milieu d’un paysage montagnard totalement préservé, la vallée de Baliem “is a must to do” !!!

Suite à 3 semaines de voyage intense en en famille sur les îles de Java, Bali et Gili, notre séjour de 8 jours en Papouasie marquera à jamais nos mémoires: développement touristique inexistant, paysages montagneux atypiques, populations locales accueillantes, us et coutumes déroutants pour nous occidentaux, composent assurément la recette d’un dépaysement total !

Par le passé, la chance nous a été donnée de pouvoir approcher les tribus Kichwas en équateur, Iban en Malaisie sur l’île de Bornéo; bien évidement notre voyage en Indonésie n’aurait pas été complet sans cette incursion dans ce secteur isolé de la planète à la rencontre d’une tribu locale !

Après avoir longuement épluché en détail l’ensemble des agences locales proposant la découverte de ce secteur de la Papouasie, l’équipe de Jefalgi Papua Tours nous a permis, par ses compétences, son professionnalisme et sa connaissance approfondie du terrain, une intégration parfaite au sein de la tribu des Dani.

Proche de la Ville de Wamena, ces quelques jours de trekking dans la vallée de Baliem sont indispensables à une découverte authentique du quotidien du peuple Dani vivant à l’écart du monde moderne: ses traditions, sa cuisine, son habitat traditionnel en forme de hutte… une approche culturelle authentique vécu en toute sécurité et qui n’aurait, une fois de plus, pu être possible sans la prise en charge millimétrée et les précieuses compétences de l’ensemble des membres de l’équipe locale de Jefalgi Papua Tours (guide, cuisiniers et porteurs).

Le “Baliem Valley Festival” se déroulant une fois par an au début du mois d’août dans le secteur de Wamena offre l’opportunité unique d’assister en un même lieu aux danses, chants, simulation de combats et autres rites… des diverses tribus avoisinants ce secteur de la Papouasie. Un événement majeur à ne pas manquer si vous êtes sur place à cette date!

Un Grand Merci à Jefalgi Papua Tours pour ce séjour magique hors du temps et plus particulièrement à Athan, Alfit et Pious pour avoir tant pris soin de nous.
Daniel, Elisabeth et Quentin-Strasbourg, France (August 2016).

Outstanding service and people

jorda88I was travelling around West Papua back in November/December with my friend and we decided to book a small tour with Jefalgi as they were providing just what we were looking for! From the moment we emailed Jefalgi all was very smooth and professional!

We had our Sorong – Jayapura flight cancelled and had to arrange one which didn’t gave us a lot of time to connect with our flight to Wamena.  Athan, was emailing me at all time to look for options and he was SUPERB!!

He was waiting for us at Jayapura airport with our boarding passes for Wamena on his hand! He helped us go straight to security and check in our bags so we pretty much done all this in 15 minutes!!  Thanks to him we were able to board our flight as planned!

His colleagues were waiting for us at Wamena airport and at all times they asked us what our preferences were; such as, leave the bags now or just go exploring? Go eat or start walking?

It was great to have the feeling that you can tailor-made your tour a bit with the comfort of having them by your side!

Our accommodation and all what we’ve seen was just outstanding and for this and much more I will highly recommend Jefalgi tours to everyone! Jorda88, Barcelona Spain (May 2014)

Wonderful trip to Baliem Valley and Sentani Festival

alex australiaJefalgi Tours took very good care of us, providing us with a fine guide in Baliem valley, arranging for the hotel, hikes, and visits to the villages. The Baliem area is fascinating, with dramatic scenery and blue skies because of the altitude. One could see rapid changes coming to the locals who only recently emerged from the stone age. People in the villages and along the way as we hiked were very friendly. For all tour, everything went very smoothly, and we were happy with all the arrangements. We would love to take a Jefalgi tour to other parts of Papua again. Alex, Australia (June 2016)

Papua-Baliem Valley Trekking and Festival

sinI am a solo female traveler and visited West Papua to witness the Baliem Valley Festival. I always wanted to visit West Papua, Indonesia. It’s my neighboring country but yet too far and not easy to reach (3 flights to reach Wamena!!!). In view of West Papua is not a popular tourist destination, it’s a bit difficult to get the updated travel information. Finally I’ve made up my mind and started searching for a reliable tour operator to plan the trip. I found Jefalgi Papua Tours and their website is showing lots of information about West Papua, various types of tours to suite different kind of travelers needs and detailed itineraries with price quoted. I dropped a note to their website and got prompt reply from the person-in-charged, Athan. Athan patiently answered all my enquiries about the arrangement of flight, date, festival, trekking matters, etc. Even though I’ve paid for the deposit but still keep on searching for the positive reviews about this tour company. Yes, I was not convinced till I finally managed to find positive reviews about this tour operator and Athan’s professional service. So, in the end, I paid for the 7 days Trekking and Baliem Valley Festival trip. Almost forgot, they always welcome solo traveler to join their tour!

Athan was there to receive his clients including me at the Jayapura airport and helped us to transfer to the next flight to Wamena. Once touched down Wamena, our Tour guide Herriman was already there. My 7 days trip had started with trekking. The trekking is not a difficult one but a chance for us to reach locals’ villages to have a glance of their daily life. Herriman speaks English, very knowledgeable about West Papua. Through my observation, found that he knows the locals quite well and cares for them. We were arranged to stay at the local house and it’s a great opportunity to have in-depth understanding about life of the locals. The lunch box they served is more like home cook food to me which definitely can keep your stomach full to have all the energy to continue with the trek. Have no complaint about the food.

The highlight of this trip is the Baliem Valley Festival which last for several days. A lot of tourist, photographer were gathered there to witness the annual festival participated by different local indigenous tribes. We can choose to sit there to watch the performance, singing and dance by the local or we can even go down to the field to get closer, nearer to the local. Before the trip, I’ve checked with Athan how many days we should attend the festival. He said 1 day is enough thru his past experience with his clients. True enough unless we are obsessed with the performance.

The tour also included spending a day or two to explore Wamena and Jayapura. All the activities highlighted in the itinerary were followed. Accommodation wise (what I mean is hotel here) is far better than what I’ve expected.

My trip at West Papua ended perfectly with the superb arrangement by Jefalgi Papua Tour and the team. They have shown fantastic hospitality and delivered quality service. Most important, you can feel their passionate about the land of West Papua throughout the conversation along the trip. Awesome. SinYit88, Malaysia (Aug 2015).

More than just people, good human beings

PIC23The tour was really nice and the guide knew just all the right people. From locals and also from the people from the tribes. It was so delightful to get a bit closer to the places and the culture of papua feeling safe and in the right company.  Gonzo, Jakarta (June 2016)

Amazing Trip To Baliem Valley

camilaWe are group of 7 people and we were traveling to Baliem Valley with Jefalgi in August 2015. Everything was perfectly organized – they even “stopped” the plane for us!!! For the first time in my life the plane was waiting for me:-). It was the time of Baliem Valley Festive and I really advise to visit it. Camila, Poland (April 2016)

The Experience of Lifetime

I traveled with Athan and his Jefalgi Papua Tours in July 2015 – it turned out the experience of a lifetime. I booked the tour from Tibet and making money transfers to Papua was impossible. Athan took my booking on trust and I paid him the moment I landed in Papua. Athan has a superb relationship with the local tribes. He is knowledgeable and so hospitable. The tour was reasonably priced but the money paid turned out to have been the investment of a lifetime for me. Nearly two years on I still think of the trip every single day – I would not have missed it for the world and can recommend Jefalgi Papua unreservedly. I would urge anyone to go – you need to have an adventurous spirit, an open mind and sturdy footwear – then you are find. And oh, whatever you do, don’t forget your camera. Given half a chance I would love to go back and do it all over again. With Jefalgi you are in safe hands and you can be sure that you will be travelling leaving footprints only and taking with you the most wonderful memories. Gimmick1806, United Kingdom (April 2016)